Uit onderzoek is gebleken dat Oost- en Centraal Europese landen momenteel erg in trek zijn. Veel Nederlandse bedrijven willen gaan ondernemen in Oost- en Centraal Europa. Velen zoeken daar een samenwerkingspartner, die delen van de productie kan overnemen. Andere bedrijven willen met totale producten of diensten de markt op. Hongarije in Zaken speelt hierin een centrale rol.
Naast het magazine is er natuurlijk ook nog de website waarop allerlei aanvullende informatie te vinden zal zijn. Ook vindt u hier doorplaatsingen van adverteerders die verspreid over het hele land een ruim aanbod van accomodaties hebben om eens te komen genieten van Hongarije!
Voor meer informatie kunt u vragen naar Dhr. Hidde van Erp die u graag antwoord geeft op al uw vragen. Voor contactgegevens » klik hier...
De grandeur van een voormalige keizersstad
Er staan prachtige gebouwen in Boedapest. Barokke paleizen uit het Habsburgse Rijk, gotische kerken en herenhuizen in art-nouveaustijl. Zoals het onlangs heropende Four Seasons Hotel Gresham Palace.
Onvermoeibaar wordt in Boedapest gewerkt aan de restauratie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de stad door bombardementen veranderd in een rokende puinhoop. Geen brug was meer heel. Gevels waren kapotgeschoten. Zelfs het koninklijk paleis werd met de grond gelijkgemaakt. De renovatie door het Sovjetregime, in de jaren daarop, bestond uit massieve gebouwen. Lelijke betonblokken die nog steeds het stadsbeeld ontsieren. Pas zo’n vijftien jaar geleden, toen de communisten werden weggestemd, kreeg men weer oog voor de architectuur uit de glorietijd. Langzaam maar zeker hervindt de voormalige keizersstad zijn vroegere grandeur.
Diana De Clopper, een Belgische die hier voor een uitgever werkt, kan er alles over vertellen. ‘Boedapest is in ontwikkeling als nooit eerder. Er komen steeds meer trendy restaurants en uitgaansplekken bij.’ Wat we beslist moeten zien? ‘Uiteraard de badhuizen. In het Gellért Hotel is het mooiste badhuis, terwijl Széchenyi Gyógyfürdö (vlak bij de Zoo) het grootste is. Het gebruikte badwater wordt daar afgevoerd naar het nijlpaardenverblijf. Het geneeskrachtige water mist zijn effect niet. Nergens ter wereld worden zoveel jonge nijlpaarden geboren als in deze dierentuin.’
Twee steden in één stad
Diana wijst ons op de kaart haar favoriete bouwwerken aan in Boedapest, dat eigenlijk uit twee steden bestaat, gescheiden door de Donau. De Kettingbrug uit 1849, die het heuvelachtige Boeda verbindt met het vlakke Pest (waar de meerderheid van de twee miljoen inwoners woont). Het paleis, dat in zijn oude glorie is hersteld en onder meer de Hongaarse Nationale Galerie huisvest. Vlakbij liggen fraaie gebouwen als het Vissersbastion en de dertiende-eeuwse Mathiaskerk. Aan de overkant (in Pest) is de Sint Stefanusbasiliek onlangs geheel gerestaureerd. Verderop zijn de monumentale Parlementsgebouwen en het Heldenplein met z’n beeldengroep van Arpád en de zes andere leiders van de Magyaren, die beschouwd worden als de stichters van Hongarije. Hier is ook een groot deel van de musicalfilm Evita (met Madonna in de hoofdrol) opgenomen. Het plein en de boulevard Andrássy utca schijnen precies te lijken op het Buenos Aires ten tijde van Peron. ‘Maar Boedapest is ook gewoon rondslenteren’, aldus Diana.’ In Boeda, met z’n mooie herenhuizen en autovrije, historische centrum. Of in Pest, met de brede boulevards, winkelstraten en trendy designwinkels; waar ook het uitgaansleven zich afspeelt.
Symbool van de nieuwe tijd
We hebben een afspraak met schrijver Jaap Scholten in restaurant Páva van het Gresham Palace-hotel. In het NRC Handelsblad verschijnt zijn column ‘Alleen de honden en ik zijn niet Hongaars’, waarin hij vertelt over zijn perikelen in de Hongaarse hoofdstad. Jaap woont in de heuvels van Boeda in een mooi vrijstaand huis met gebrandschilderde ramen en houten lambriseringen. Hij is bijna fulltime bezig het op te knappen. Vandaar ook zijn interesse voor Gresham Palace, dat bekendstaat als een van de mooist gerestaureerde gebouwen van de stad. Het ligt aan het Roosevelt Plein, tegenover de Kettingbrug. Toen Gresham Palace in 1906 zijn deuren opende, was het kantoor/appartementencomplex zes verdiepingen hoog. Het had voor die tijd moderne snufjes als elektrische verlichting, liften van mahoniehout en hekwerken van smeedijzer die in het asfalt zonken als koetsen de galerij binnenreden. De boogvormige winkelgalerij op de begane grond werd bekroond met een koepelgewelf met twintigduizend glazen tegels, gebaseerd op een ontwerp van Frank Lloyd Wright. Voor de decoraties werden de beste kunstenaars van Hongarije aangetrokken. De prestigieuze keramiekfabriek Zsolnay maakte de tegels, het ijzerwerk was van Gyula Jungfer (1841-1908), het glas-in-lood van Miksa Róth (1865-1944) en de beelden aan de façade werden vervaardigd door Géza Maróti (1875-1941). Bij de oplevering was het Gresham Palace hét symbool van de nieuwe wereld. Ondanks dat het pand sinds 1976 tot nationaal erfgoed wordt gerekend, raakte het steeds meer in verval. Tot in 2000 werd besloten het Gresham Palace, in samenwerking met Four Seasons, als hotel nieuw leven in te blazen. De bijzondere tegels, het glas-in-lood en het smeedwerk in de trappenhuizen: alles is nu weer prachtig.
Uitgaan in trendy Pest
Jaap heeft een tip als we geïnteresseerd zijn in de achtergrond van de kunstenaars uit het fin de siècle. Alles over art-nouveautegels is te zien in het museum voor toegepaste kunst en het Miksa Róth-museum is geheel gewijd aan de kunstenaar zelf. Verder is er de Ecseri-markt, net buiten Boedapest, waar je tussen de prullaria nog bijzondere dingen van rond de eeuwwisseling vindt. Diezelfde vlooienmarkt werd ons ook door Diana aangeraden. Zij heeft er dikwijls haar slag geslagen, bijvoorbeeld met borduurwerk uit Matyó, porselein van Zsolnay en kubistische schilderijen van goede kwaliteit. Voor de aanschaf van Jugendstil zijn de antiekwinkels in Falk Miksa, vlak bij de Parlementsgebouwen, een aanrader.
Op winkelgebied beperkt Boedapest zich nog steeds tot de Andrássy utca en Váci utca, begrensd door koffiehuis Gerbeaud en de overdekte markt. Trendy Boedapest speelt zich af tegen de achtergrond van de Sint Stefanusbasiliek. Vlak bij het plein Szent Istvan tér is de bar Negro, dé plek voor wodka-martini, daar tegenover LeRoy en even verderop Tom George (met een mix van Thaise, Japanse en Hongaarse gerechten), waar zwarte
limousines voor de deur parkeren. Het is een gelukkige omstandigheid dat deze adressen in de directe nabijheid liggen van Gresham Palace, wat ons betreft het nieuwe centrum van Boedapest.